Statuten 21-12-2018

Heden, een en twintig december tweeduizend achttien, verschenen voor mij, Mr. Judith Jebbigjen BesseBultsma, kandidaat-notaris, hierna te noemen: notaris, als waarnemer van Mr. Ferdinand Kurk, notaris te Zaanstad:

  1. de heer WIM BORGER, Zaandam
  2. mevrouw RENEE IKE DEJONG, Zaandam
    te dezen handelende als gezamenlijk vertegenwoordigingsbevoegd bestuurders van: de stichting: STICHTING ZAANDAMSE GEMEENSCHAP, statutair gevestigd te Zaandam, kantoorhoudende Falster 102 te 1506 BN Zaandam, ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder ­dossiernummer 41231166,­ mede handelend krachtens machtiging als hierna gemeld. hierna te noemen: de “stichting”,

INLEIDING

De comparanten, handelend als gemeld, verklaarden: blijkens informatie uit het handelsregister is de stichting opgericht op drieëntwintig april negentienhonderd vijfenzestig; ­de stichting is evenwel al actief sinds dertig september negentienhonderd achtenveertig; de statuten van de stichting zijn voor het laatst gewijzigd bij akte verleden voor mr. Erik Johann Schwarze, destijds notaris te Zaandam, gemeente Zaanstad op acht januari negentienhonderd tweeëntachtig; de statuten van de stichting zijn sindsdien niet gewijzigd; dat het bestuur van de stichting heeft besloten om de statuten van de stichting geheel te wijzigen; het bestuur van de stichting heeft voorts besloten om de comparanten te ­ machtigen de betreffende statutenwijziging tot stand te brengen; van deze besluiten blijkt uit een aan deze akte te hechten exemplaar van de notulen van de desbetreffende vergadering.

STATUTENWIJZIGING

Vervolgens verklaarden de comparanten, handelend als gemeld, ter uitvoering van deze besluiten de statuten van de stichting geheel te wijzigen, ­ zodat deze komen te luiden als volgt:

Naam en Zetel ­- Artikel 1

  1. De stichting draagt de naam: Stichting Zaandamse Gemeenschap.
  2. Zij heeft haar zetel in de gemeente Zaanstad.

Doel – Artikel 2

  1. De Stichting heeft ten doel:
    a. het sociale en culturele leven in Zaanstad te bevorderen en zo nodig te versterken;
    b. het verrichten van alle verdere handelingen, die met het vorenstaande in de ruimste zin verband houden of daartoe bevorderlijk kunnen zijn.
  2. De stichting onthoudt zich zoveel mogelijk van iedere zelfstandige actie tegen welke één van de aangesloten verenigingen, stichtingen of groeperingen onoverkomelijke bezwaren heeft.
  3. De stichting heeft geen winstoogmerk.

Aangesloten organisaties – Artikel 2a

  1. Bij de stichting kunnen zich aanmelden alle in Zaanstad werkzame, al dan niet rechtspersoonlijkheid bezittende, verenigingen, stichtingen en andere ­groeperingen met inbegrip van Zaanse afdelingen van landelijke organisaties die zich op het gebied van de stichting bewegen.­ De aansluiting komt tot stand door een besluit van toelating door het bestuur.
  2. De aangesloten organisaties kunnen uittreden op de, eenendertigste december van ieder jaar, mits zij hun uittreding drie maanden tevoren schriftelijk aan het bestuur hebben aangekondigd.
  3. Het bestuur is gerechtigd aangesloten organisaties te royeren, onder opgave van redenen.

Bestuur: samenstelling, wijze van benoemen – Artikel 3

  1. Het bestuur van de stichting bestaat uit een door het bestuur vast te stellen ­aantal van ten minste vijf (5) bestuurders.
  2. a. De bestuurders worden benoemd en geschorst door het bestuur. In vacatures moet zo spoedig mogelijk worden voorzien. Het bestuur kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester, tezamen vormend het dagelijks bestuur. De functies van voorzitter, Secretaris en/of penningmeester kunnen niet worden uitgeoefend door een bestuurslid dat door een werkcommissie wordt voorgedragen.
    b. Een of meer bestuurders worden benoemd uit de kring van de
    Werkcommissies. Elke werkcommissie dient in het bestuur vertegenwoordigd te zijn.
    c. In geval van een vacature in het bestuur, niet zijnde een positie in het dagelijks bestuur, stelt het bestuur de betreffende Werkcommissie onverwijld van de vacature(s) op de hoogte.
    De betreffende Werkcommissie is verplicht een of meer leden voor te­
    dragen voor het lidmaatschap van het bestuur.
    Het bestuur is vrij in de benoeming indien de voordracht niet uiterlijk drie maanden na het ontstaan van de vacature aan het bestuur werd medegedeeld.
    d. Behalve de onder c. bedoelde bestuursleden kunnen leden worden ­benoemd op grond van deskundigheid, betrokkenheid en inzicht in het ­sociale en culturele leven in Zaanstad. ­
    e. De functies van voorzitter, penningmeester en/of secretaris kunnen niet door een (1) persoon worden uitgeoefend, zodat het dagelijks bestuur steeds uit drie leden bestaat.
  3. De bestuurders worden benoemd voor onbepaalde tijd.
  4. In geval van een of meer vacatures in helt bestuur behoudt het bestuur zijn bevoegdheden.
  5. De bestuurders ontvangen geen beloning voor hun werkzaamheden. ­
    Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte kosten. ­

Bestuur: taak en bevoegdheden – Artikel 4

  1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.
  2. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen, tenzij het besluit wordt genomen met algemene stemmen van alle in functie zijnde bestuurders.
  3. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt, tenzij het besluit wordt genomen met algemene stemmen van alle in functie zijnde bestuurders.
  4. Erfstellingen mogen slechts onder het voorrecht van boedelbeschrijving worden aanvaard.
  5. Het bestuur stelt voor de uitvoering van activiteiten op sociaal en cultureel terrein in Zaanstad werkcommissies in.­ Deze werkcommissies zijn verantwoording schuldig aan het bestuur.

Bestuur: vergaderingen – Artikel 5

  1. De vergaderingen van het bestuur worden gehouden in Nederland in de ­gemeente waar de stichting haar zetel heeft.
  2. Jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar wordt een vergadering van het bestuur (de jaarvergadering) gehouden, waar in elk geval aan de orde komt de vaststelling van de balans en de staat van baten en lasten.
  3. Voorts worden vergaderingen gehouden, wanneer twee van de bestuurders daartoe de oproeping doen.
  4. De oproeping tot een vergadering geschiedt ten minste zeven dagen tevoren, ­de dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend, door ­middel van een oproepingsbrief.
  5. Een oproepingsbrief vermeldt, behalve plaats en tijdstip van de vergadering, de te behandelen onderwerpen.
  6. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter. Indien deze afwezig is ­voorzien de aanwezige bestuurders in de leiding van de vergadering. Tot dat moment wordt de vergadering geleid door de in leeftijd oudste aanwezige bestuurder.
  7. De secretaris notuleert de vergadering. Bij afwezigheid van de secretaris wordt de notulist aangewezen door degene die de vergadering leidt. De notulen worden vastgesteld en getekend door degenen, die in de vergadering als voorzitter en notulist hebben gefungeerd. De notulen worden vervolgens bewaard door de secretaris.
  8. Toegang tot de vergaderingen van het bestuur hebben de in functie zijnde bestuurders en degenen die daartoe door het bestuur zijn uitgenodigd.

Bestuur: besluitvorming – Artikel 6

  1. Het bestuur kan in een vergadering alleen besluiten nemen indien de meerderheid van de in functie zijnde bestuurders aanwezig of­ vertegenwoordigd is.­ Een bestuurder kan zich in een vergadering door een andere bestuurder laten vertegenwoordigen nadat een schriftelijke, ter beoordeling van de voorzitter van de vergadering voldoende, volmacht is afgegeven. Een bestuurder kan daarbij slechts voor een andere bestuurder als gevolmachtigde optreden.
  2. Is in een vergadering niet de meerderheid van de in functie zijnde bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd dan wordt een tweede vergadering ­bijeengeroepen, te houden niet eerder dan twee en niet later dan vier weken na de eerste vergadering. In deze tweede vergadering kan ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders worden besloten omtrent de onderwerpen welke op de eerste vergadering op de agenda waren geplaatst. Bij de oproeping tot de tweede vergadering moet worden vermeld dat en waarom een besluit kan worden genomen ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders.
  3. Zolang in een vergadering alle in functie zijnde bestuurders aanwezig zijn, ­kunnen geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de door de statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in acht genomen.
  4. Het bestuur kan met algemene stemmen ook buiten vergadering besluiten nemen. Van een aldus genomen besluit wordt door de secretaris een relaas opgemaakt, dat na medeondertekening door de voorzitter als notulen wordt bewaard.
  5. Iedere bestuurder heeft het recht tot het uitbrengen van een stem.­
    Voor zover deze statuten geen grotere meerderheid voorschrijven worden bestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Bij staking van stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
  6. Alle stemmingen in een vergadering geschieden mondeling, tenzij een of meer bestuurders vóór de stemming een schriftelijke stemming verlangen.­ Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes.
  7. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
  8. In alle geschillen omtrent stemmingen beslist de voorzitter van de vergadering.

Bestuur: defungeren – Artikel 7

Een bestuurder defungeert:
a. door zijn overlijden of indien de bestuurder een rechtspersoon is, door haar ontbinding of indien zij ophoudt te bestaan;
b. door het verlies van het vrije beheer over zijn vermogen;
c. door zijn aftreden;
d. door ontslag door de gezamenlijke overige bestuurders;
e. door ontslag op grond van artikel 2:298 Burgerlijk Wetboek.
f. door het niet (Ianger) voldoen aan de vereisten volgende uit de integriteitstoets voor bestuursleden van een algemeen nut beogende instelling (“ANBI”).

Vertegenwoordiging – Artikel 8

  1. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting.
  2. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt mede toe aan twee gezamenlijk ­handelende leden van het dagelijks bestuur.
  3. Tegen een handelen in strijd met artikel 4 leden 2 en 3 kan tegen derden beroep worden gedaan.
  4. Het bestuur kan volmacht verlenen aan een of meer bestuurders, alsook aan ­derden, om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.

Boekjaar en jaarstukken – Artikel 9

  1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting en van alles betreffende de werkzaamheden van de stichting, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat daaruit te allen tijde de rechten en verplichtingen van de stichting kunnen worden gekend.
  2. a. Jaarlijks vóór één november stelt het bestuur de begroting van de stichting en zo nodig van de werkcommissies vast voor het eerstvolgende kalenderjaar.
    b. Het bestuur is verplicht jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het ­boekjaar de balans en de staat van baten en lasten van de stichting, met inbegrip van de rekeningen van de werkcommissies, te maken, op papier te stellen en vast te stellen. De balans en de staat van baten en lasten moeten, indien vereist, worden onderzocht door een door het bestuur aangewezen registeraccountant, accountantadministratieconsulent dan wel een andere deskundige in de zin van artikel 2:393 Burgerlijk Wetboek. Deze deskundige brengt omtrent zijn onderzoek verslag uit aan het bestuur en geeft de uitslag van zijn onderzoek weer in een verklaring omtrent de getrouwheid van de in het vorige lid bedoelde stukken. Indien een ander als de hiervoor bedoelde deskundige wordt aangewezen, mag deze deskundige:
    • geen bestuurslid zijn;­
    • geen lid van een werkcommissie zijn;­
    • geen personeelslid van de stichting zijn.
  3. Het bestuur is verplicht de in de voorgaande leden bedoelde boeken, ­
    bescheiden en andere gegevensdragers gedurende zeven jaren te bewaren.
  4. De op een gegevensdrager aangebrachte gegevens, uitgezonderd de op papier gestelde balans en staat van baten en lasten, kunnen op een andere gegevensdrager worden overgebracht en bewaard, mits de overbrenging geschiedt met juiste en volledige weergave der gegevens en deze gegevens gedurende de volledige bewaartijd beschikbaar zijn en binnen redelijke tijd leesbaar kunnen worden gemaakt.

Geldmiddelen van de stichting – Artikel 9a

De geldmiddelen van de stichting bestaan uit:
a. subsidies en andere bijdragen;
b. bijdragen van aangesloten organisaties, bedoeld in artikel 2a;
c. giften, erfstellingen en legaten;
d. overige baten.

Reglement – Artikel 10

  1. Het bestuur is bevoegd een reglement vast te stellen, waarin die onderwerpen worden geregeld, die naar het oordeel van het bestuur (nadere) regeling behoeven.
  2. Het reglement mag niet met de wet of deze statuten in strijd zijn.
  3. Het bestuur is bevoegd het reglement te wijzigen of te beëindigen.
  4. Op de vaststelling, wijziging en beëindiging van het reglement is het bepaalde in artikel 11 lid 1 van toepassing.

Statutenwijziging – Artikel 11

  1. Het bestuur is bevoegd deze statuten te wijzigen.
    Een besluit tot statutenwijziging kan slechts worden genomen met een ­meerderheid van ten minste twee/derde gedeelte van de geldig uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin ten minste vier/vijfde gedeelte van het ­totale aantal bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd is.­ Indien niet het vereiste aantal bestuurders aanwezig is, dan wordt een nieuwe vergadering bijeengeroepen overeenkomstig het bepaalde in artikel 6 lid 2. In deze tweede vergadering kan het besluit tot statutenwijziging genomen worden, ongeacht het aantal aanwezig of vertegenwoordigde bestuursleden, mits met een meerderheid van ten minste twee/derde gedeelte van de geldig uitgebrachte stemmen.
  2. De wijziging moet op straffe van nietigheid bij notariële akte tot stand komen. ­Iedere bestuurder afzonderlijk is bevoegd de desbetreffende akte te doen verlijden.
  3. De bestuurders zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het handelsregister.

Ontbinding en vereffening – Artikel 12

  1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden.
  2. Op het besluit van het bestuur tot ontbinding is het bepaalde in artikel 11 lid 1 ­van overeenkomstige toepassing.
  3. Indien het bestuur besluit tot ontbinding, dan wel in andere gevallen van ­ontbinding, wordt het batig liquidatiesaldo besteed ten behoeve van een algemeen nut beogende instelling met een soortgelijke doelstelling of van een buitenlandse instelling die uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het algemeen nut beoogt en die een soortgelijke doelstelling heeft.
  4. Na ontbinding geschiedt de vereffening door de bestuurders, tenzij bij het ­besluit tot ontbinding anderen tot vereffenaars zijn aangewezen.
  5. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ­ontbonden stichting gedurende de bij de wet voorgeschreven termijn onder ­berusting van de door de vereffenaars aangewezen persoon.
  6. Op de vereffening zijn overigens de bepalingen van Titel 1, boek 2 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing.

Slotbepalingen ­- Artikel 13

  1. In alle gevallen, waarin zowel de wet als deze statuten niet voorzien, beslist het bestuur.
  2. Onder schriftelijk wordt in deze statuten verstaan elk via de gangbare ­communicatiekanalen overgebracht bericht, waarvan uit geschrift blijkt. SLOT