Historie

De Zaandamse Gemeenschap heeft in feite haar ontstaan te danken aan de bevrijdingsfeesten in 1945. Toen kwam duidelijk naar voren, dat de in de bezettingsjaren gegroeide gemeenschapszin kon leiden tot samenwerking. Om deze samenwerking vast te houden en tot ontwikkeling te brengen werd op initiatief van burgemeester in ’t Veld in juni 1945 een bijeenkomst belegd waarvoor vertegenwoordigers uit het gehele Zaandamse verenigings­leven waren uitgenodigd.

Oprichter Zaandamse Gemeenschap Mr.Dr J. in 't Veld

Oprichter Mr.Dr J. in ’t Veld

Deze bespreking was de eerste aanzet om te komen tot de oprichting van de “Zaandamse Gemeenschap”. In zijn brochure “Wij en de Gemeenschap” be­schrijft Mr. in ’t Veld het waarom en het doel van dit orgaan. Hij gaat er van uit, dat een uitspraak van Rudolf Steiner – “Het materialisme kan slechts twee generaties bevredigen, de generatie die het brengt en de ge­neratie die het aanhoorl;. De derde generatie gaat er aan ten gronde” -bewaarheid lijkt te worden door het ontstaan van het verschijnsel massa­mens. De massamens, zonder verantwoordelijkheidsbesef, alleen in staat tot kankeren, geestelijk uit het lood, omdat zij niet de diepe vreugde kent van de ontplooiing van eigen wezen in zelfscheppende arbeid, omdat zij zich niet wezenlijk deel voelt van de gemeenschap. Met zulke mensen bouwt men geen nieuwe maatschappij.

De “Zaandamse Gemeenschap” moet een van de tegenkrachten vormen om deze neerdrukkende tendenties de baas te worden. Zij kan dit doen door het uit­voeren van een geheel program, dat samen te vatten is met de woorden “op­voeding tot burgerzin”.

Deze burgerzin moet gekweekt worden. De beste kweekplaats is de gemeente, een levensgemeenschap waarin de veelzijdigheid van het maatschappelijk le­ven tot uitdrukking komt en niet te groot is zodat zij nog in haar geheel overzien kan worden. Iets wat in de grote stad al niet meer opgaat. Daar zal gedacht moeten worden aan wijk- of stadsdeelgemeenschappen. In de gemeente of wijk zal in de eerste plaats het streven er op gericht moeten zijn zoveel mogelijk de gehele bevolking aktief in het kulturele en sociale leven te betrekken.

Een bloeiend verenigingsleven is voor dat doel noodzakelijk. Daarom moet er verband in gebracht worden.

Wanneer verschillende takken van kunst en sport elkaar ontmoeten, waarde­ring krijgen voor eikaars werk, tot samenwerking komen, dan kan de belang­stelling ook gewekt worden voor vraagstukken die de gemeente in haar geheel betreffen.

Deze gedachte geldt voor alle terreinen waarop de gemeente werkzaam is, met name de sociale zorg. Mr. in ’t Veld zag de meest bevredigende aanpak in een samenwerking tussen ambtenaren en vrijwilligers uit de burgerij.

“Wij zijn erg knap geworden”,  zo schrijft hij, “Wij kunnen ontzaglijk veel, zelfs atomen splitsen. Maar wat wij nog moeten leren,is, als mensen samen te leven. Wij willen met het beoefenen van die samenlevingskunst een begin maken in de plaats onzer inwoning”.

Ontstaan en ontwikkeling

Op de vergadering van juni 1945 groepeerden zich de verschillende verenigingen en ontstonden de z.g. sekties. Deze sekties kozen elk haar eigen bestuur uit de verenigingen. Vertegenwoordigers uit deze sektiebesturen vormden het bestuur van de “Zaandamse Gemeenschap”.

Kantoor van de Zaandamse Gemeenschap

Kantoor van de Zaandamse Gemeenschap met J. Voorthuizen, Mej. P Hekkert, Mej T. Scholten, Mej. G. Kerkhoven

Burgemeester in ’t Veld werd haar eerste voorzitter. Door het gemeentebestuur werd een sekretarie-ambtenaar ter beschikking gesteld als sekretaris. Om het kontakt tussen “De Zaandamse Gemeenschap” en burgerij op een zo breed mogelijke basis tot stand te brengen namen tevens in het bestuur zitting een vertegenwoordiger van de Ned. Maatschappij voor handel en nijverheid, departe­ment Zaanstreek, alsmede vertegenwoordigers van de diverse vakverenigingen. Later ontstonden 2 afdelingen, een sociale en een kulturele afdeling waarvan de wethouder van sociale zaken en de wethouder van onderwijs voorzitter werden. Vijftien jaar na de oprichting verscheen de nota “Om de toekomst van de Zaan­damse Gemeenschap” door M.J. Hille, waarin o.m. een nieuw braakliggend werkter­rein wordt aangeduid.

Czaar Peter Feest in 16-24 augustus 1947

Czaar Peter Feest in 16-24 augustus 1947

Het wijkwerk in de nieuwe wijken Vijfhoek, Kogerveld en Poelenburg. Een commissie gaat zich hiermee bezighouden. In december 1964 verschijnt in het “Huisorgaan van de Zaandamse Gemeenschap” een artikel waarin een nieuwe konstruktie van de “Zaandamse Gemeenschap” wordt aangekondigd. De “Zaandamse Gemeenschap nieuwe stijl” zal een samenwerkingsorgaan zijn van twee zelfstan­dige stichtingen.

Aan de ene kant die voor sociaal en kultureel werk, aan de andere kant de in oprichting zijnde stichting samenlevingsopbouw.

De dagelijkse besturen van deze stichtingen vormen het nieuwe bestuur van de “Zaandamse Gemeenschap”. Er komt een gezamenlijk beheerd buro waarin de sekre­taris en de aan te trekken konsulent voor sociaal opbouwwerk bijzonder nauw zullen samenwerken.

In het huisorgaan van 18 september 1969 wordt weer een herstrukturering aange­kondigd welke per januari 1970 moet ingaan.

Opzet is de stichting Samenlevingsopbouw te ontbinden. Haar taken zullen worden overgenomen door de Stichting Buurt- en Wijkwerk en de Stichting Welzijnsorgaan Van deze nieuwe ontwikkeling vindt u geen weerslag in dit deel van het archief dat loopt tot 1969.

Geschiedenis van het archief

In 1975 verzocht het bestuur van de “Zaandamse Gemeenschap” aan het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad of het mogelijk was haar archief uit de periode 1945 – 1969 op te nemen in de gemeentelijke archiefbewaar­plaats*

Uit een hierop volgend ambtelijk kontakt bleek dat het bedoelde archief bij de verhuizing naar het nieuwe kantoor aan de Vermiljoenweg in z.g. Verkade-kisten was gepakt en stond opgeslagen in een vochtig pakhuis. Verder bleek dat het ongeschoond en zonder inventarisatie was ingepakt. Wilde er nog iets overblijven van het archief van een instelling welke in de Zaandamse samenleving een belangrijke plaats innam en nog inneemt dan was het zaak het zo spoedig mogelijk uit het pakhuis te verwijderen en van het vuil te ontdoen.

Bevrijdingsfeest 1945

Bevrijdingsfeest 1945

Het bestuur van de “Zaandamse Gemeenschap” en het college van burgemeester en wethouders kwamen overeen dat het archief na schoning, ordening en inventari­satie in de gemeentelijke archiefbewaarplaats zou worden opgenomen., Daar het buro Heemkunde en oude archieven nog niet over voldoende personeel en ruimte beschikte is het archief voor genoemde werkzaamheden overgebracht naar de sektie semi-statische archieven van de sekretarie-afdeling Interne Zaken. Bij de bewerking bleek dat veel notulen ontbraken. Gelukkig is de serie jaar­verslagen kompleet terwijl ook van het officiële orgaan een groot aantal exem­plaren bewaard is gebleven.

Van de vele, jaarlijks terugkerende, aktiviteiten zoals “Toe-doe”, 4-mei her­denking, koninginnedag enz. was meerdere keren de gehele schriftelijke neerslag van de organisatie bewaard gebleven.

Van deze aktiviteiten heb ik de kommissie-notulen, voor zover aanwezig, geheel bewaard en om de archiefonderzoeker een idee te geven van de administratieve rompslomp welke vastzat aan de organisatie van deze aktiviteiten, één kompleet dossier van een willekeurig jaar bewaard.

Jongensdorp 1955, 18 - 30 juli

Jongensdorp 1955, 18 – 30 juli

De aangetroffen foto-verzameling is als aparte verzameling overgebracht naar het buro Heemkunde en oude archieven.

Een opsomming van de nu aanwezige archivalia vindt u óp de volgende bladzijden van deze inventaris die de archiefonderzoeker naar het doen en laten van de “Zaandamse Gemeenschap” als wegwijzer kan dienen.

Zaanstad, september 1975. D.W. Bakker (afd. Interne Zaken gemeentesecretarie)